Wij studeerden beiden Theologie,
en altijd samen in de trein.
Colleges begonnen om halfdrie,
we vonden het goed en hadden het fijn.
Van God te horen, en te praten,
nooit kwam er een einde aan!
Ook als we onze tijd vergaten.
Ik maar ook de Afrikaan
Daar vroeg hij mij bewogen,
als jij aan de hemel denkt
wat heb jij dan voor de ogen?
Ik zei mijn moeder zal ik zien!
Want ik mis haar zo, ze is dood.
En jouw hemel dan misschien?
Ach zei hij daar is altijd brood!
Cor van Vliet